Een late snoei aan het einde van de winter - zoals aanbevolen voor ijskoude regio's - leidt vrijwel zeker tot 'bloeden' van de snoeiplaatsen. Voor de wijnstok is dit geen ernstig proces, maar er moet wel worden voorkomen dat de knoppen onderaan de stam 'verdrinken' en vervolgens niet uitlopen.
Vanaf februari komt een wijnstok weer 'in sap', dat wil zeggen dat hij met enorme kracht water uit een diepte van wel 30 meter opzuigt, dat vervolgens tegen verse of nog niet gekurkte snijvlakken drukt en daar wegdruppelt. Dit proces kan tot wel twee weken duren, waarbij zich soms kleine straaltjes aan de stam vormen. Of de draconische term 'bloeden' hiervoor geschikt is, valt te betwijfelen, maar vermoedelijk worden met het water ook mineralen en suiker – het antivriesmiddel van de wijnstok – weggespoeld, zodat een nieuwe strenge vorst de plant kan beschadigen.
Het is vooral belangrijk te voorkomen dat het water langs de scheuten naar beneden loopt en daarbij belangrijke knoppen 'verdrinkt'. Door slim te snoeien kan de schaar licht schuin worden geplaatst, zodat er op het snijvlak een duidelijk overloopgebied ontstaat waar het water kan wegvloeien en precies tussen de onderliggende knoppen door kan stromen. Ook kan het nuttig zijn om lange scheuten naar beneden te buigen of een klein touwtje achter het snijvlak te binden als hulp bij het afdruipen.